De tunneldak saga

Parlementariërs hebben de taak (als controlerende macht) toezicht te houden op de regering (de uitvoerende macht). Dat kan, onder andere, door schriftelijke vragen te stellen aan de ministers. Zo’n schriftelijke vraag moet binnen een termijn van dertig dagen beantwoord worden. Schriftelijke vragen en antwoorden zijn overigens voor iedereen toegankelijk op de website van het parlement.

Één schriftelijke vraag willen we hier even uitlichten, namelijk de vraag waarin van dhr. Vandenberghe uitleg vraagt over het tunneldak, oftewel de ‘bovenkant’ van de tunnel waar nu de Krijgsbaan (R11) door loopt. (SV 551, onderaan deze post te raadplegen).

Dat tunneldak neemt namelijk een bijzondere positie in: zoals alle wegen, straten en pleinen maakt het deel uit van het openbaar domein. Wil een private persoon of bedrijf er gebruik van maken (denk aan de Sinksenfoor of een braderij), dan moet die daar toelating voor vragen. Hetzelfde geldt voor de LEM (= de private uitbater van de luchthaven) die op het tunneldak een luchthaven inricht en gebruikt. Van zo’n toelating voor de LEM is echter geen spoor. Iets wat wij overigens ook opmerkten en als bezwaar aanvoerden tegen de nieuwe vergunning.

Het antwoord van de minister op de vraag van dhr. Vandenberghe is kort: ‘Om redenen van vertrouwelijkheid in het kader van lopende gerechtelijke procedures wordt het antwoord […] ter inzage gelegd bij de parlementsvoorzitter.’

Anders gezegd: parlementsleden mogen het antwoord komen inkijken, maar niet fotokopiëren of inscannen en bovendien zijn ze verplicht tot geheimhouding. De minister wenst blijkbaar ten allen prijze te vermijden dat haar antwoord publiek wordt gemaakt. 

De logische vraag die hieruit volgt is: Waarom??? Welke lopende gerechtelijke procedures vereist deze uitzonderlijke regels van geheimhoudingsplicht?

Onze gok is dat het iets te maken heeft met ons verzoek tot vernietiging van de omgevingsvergunning die minister Demir op 22 juli ‘24 verleende. Vermoedelijk hebben wij met onze argumentatie rond het openbaar domein op een Vlaamse zere teen getrapt. Openbaar domein kan niet in concessie gegeven worden aan personen of privévennootschappen, tenzij in een aantal limitatief opgesomde gevallen vastgelegd in een uitvoeringsbesluit van de Vlaamse Regering (BVR 2002). Wat nu op de luchthaven gebeurt (een privé-uitbater die openbaar domein inneemt) is volgens dit besluit van regering zelf onmogelijk (en dus illegaal).

Iets aan de ene kant verbieden om het aan de andere kant te vergunnen kan natuurlijk niet. Ook niet in Vlaanderen. Wij volgen dus verder op! 

Ontdek meer van VLIEGERPLEIN burgerplatform

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder