Onder de titel ‘Politieke diversiteit is even belangrijk als biodiversiteit’ publiceerde De Standaard vandaag een opiniestuk van auteur en filosoof Tom Hannes. Daarin houdt hij het voornemen van het Antwerpse stadsbestuur om ‘toekomstbomen’ te planten kritisch tegen het licht. Tegelijkertijd doet het woord ‘toekomstboom’ zelf de auteur dromen: over het belang van bomen in de stad, maar ook over de boom als icoon van het politieke leven. En over de gemiste kans voor een ‘Antwerp Air Park’ in Deurne!
De volledige tekst leest u hieronder. Met dank aan Tom!
Opinie Tom Hannes 22/05/24 in De Standaard
Dromen over toekomstbomen
Het gebeurt me niet zo vaak, maar vandaag heeft de website van de stad Antwerpen me doen dromen. Meer bepaald één term: ’toekomstbomen’. Hij stond in de aankondiging van de heraanleg van de historische Vrijdagmarkt. Dertien oude bomen sneuvelen er om plaats te maken voor twaalf nieuwe toekomstbomen. De term is prikkelend genoeg om erover te dromen. Over het belang van bomen in de stad, natuurlijk. Maar ook over de boom als icoon van het politieke leven.
New-speak
U zult het me vergeven dat ik in eerste instantie sceptisch was over de toekomstbomen. Ik woon te lang in Antwerpen om niet wantrouwig te zijn als in new-speak wordt gesproken over groen in de stad. Het Antwerpse schepencollege excelleert van conservatief rechts tot progressief links in het wegwuiven van de ecologische urgentie met oneliners als ‘eerst de mensen, dan de bomen’. Die ‘mensen’ staan dan doorgaans voor ‘winstmaximalisatie zonder de kosten ervan in rekening te brengen’. Die betonnen denkwijze heeft zich in de hele stad vertaald in betonnen heraanleggingen. Het heraangelegde Operaplein is een Death Valley waar op hete zomerdagen geen bewoner of toerist zich durft te wagen. Het heraangelegde Park Spoor Noord, het heraangelegde stationsplein van Berchem, de heraangelegde Zuiderdokken, het zijn allemaal eerder ‘grasfalt’-gebieden dan de deugddoende parkjes die ze hadden kunnen zijn. Helemaal cynisch werd het toen de heraangelegde Kievitwijk – met hier en daar een armtierig boompje – aangeboden werd ‘alweer een groene long in de stad’. Ondertussen is de meeste evidente hoop op een groene long – de transformatie van de immer verlieslatende Antwerp Air Port tot een Antwerp air park – geblokkeerd om eigenaars van privé-jets niet voor het hoofd te stoten.
De term ’toekomstbomen’ deed dus meteen het ergste vermoeden. Het klonk als een zoveelste cynische codetaal om de groene jongens en meisjes te sussen: ‘Ja, we hebben oude bomen weggenomen, maar we zetten hier en daar wat nieuwe plantjes, hou dus maar op over ecologische schade.’
Bomentoekomst
Maar heel misschien is mijn wantrouwen deze keer niet terecht. De tulpenbomen (liriodendron tulipifera) gepland voor de relatief kleine Vrijdagmarkt, blijken snelgroeiers te zijn die tot 25 meter hoog kunnen worden. Ik ben geen botanicus, maar ik durf daar de hoop uit te putten dat de boodschap mogelijk druppelsgewijs misschien toch doorgedrongen is: zonder bomen geen toekomst voor een stad. Misschien is het wishful thinking van mijn kant. Maar daar heb ik deze dagen af en toe nood aan.
Toch zijn ’toekomstbomen’ hun titel pas waardig als ze herauten zijn voor een daadwerkelijke bomentoekomst. Voor een beleid dat inziet dat massale aanwezigheid van bomen de toekomst uitmaakt van om het even welke stad. Steden zullen als woongebied, werkgebied en toeristische trekpleister in de toekomst gigantisch veel groen in de aanbieding moeten hebben. Om in de volgende hittegolf verkoeling in te vinden. Om na de volgende hevige storm nog bomen over te houden. Om in de volgende stresserende periode rustig te worden. Om tijdens de volgende virusuitbraak elkaar nog te kunnen ontmoeten, …. Grote gebieden met bomen worden een even belangrijk onderdeel van de stedelijke infrastructuur als het wegennetwerken en handelszones. Het is een kerntaak van een politiek beleid om van te dromen. En voor te ijveren. Er bestaat alvast al een term voor die we ons daarvoor kunnen toe-eigenen: toekomstbomen.
Ecologische politiek en politieke ecologie
En nu we toch aan het dromen zijn… Misschien kan de term ’toekomstboom’ ons ook nog inspireren om op een andere manier aan politiek te denken. Om het toekomstig ideale politieke landschap te vergelijken met een wijdvertakte boom. Een wijdvertakte boom verschaft rust en verkoeling, zodat we de moeilijkheden van ons dagelijkse leven helderder en creatiever kunnen aanpakken. Zijn takken zijn breed en sterk, maar krijgen allemaal meer dan genoeg ruimte, zodat een boom een flinke storm aankan. Ik zou ons zo’n politieke ‘boom’ willen toewensen: wijd vertakt, met ruimte voor en tussen de standpunten, die samen op zoek gaan naar de beste manier om rust en verkoeling te zorgen, zodat we onze bijzonder uitdagende tijden helderder en creatiever kunnen aangaan.
Politieke diversiteit is even belangrijk als biodiversiteit. Maar we hebben nog niet echt geleerd om in ecologieën te denken. We lijken zelfs te verleren om ervan uit te gaan dat we met elkaar te maken hebben. Dat in onze maatschappij sowieso een krioelende veelheid aan soorten mensen leven. Dat we niet als enkelingen leven, maar als netwerken waarin al die verschillen onophoudelijk met elkaar in interactie gaan en de realiteit vorm geven. Dat de Ene Man of de Ene Partij die alle problemen eventjes snel zal oplossen niet bestaat. Het vraagt ook kiezers die ervan uitgaan dat hun verkozenen in het beste geval samenwerken met andersgezinden, om zo de breedst mogelijke toekomstboom te vormen voor de maatschappij. Maar op dit moment lijkt onze politieke wereld meer af te stevenen op een woestijn-situatie, met hier en daar grote cactussen: stekelig en plat. Als dat de toekomstbomen zijn, ziet het er voor niemand goed uit.
Ik wens de stad Antwerpen, en alle steden ter wereld, massa’s wijdvertakte toekomstbomen. En ik wens dat onze democratieën, die zo onder druk staan, ook zo’n sterke, wijdvertakte boom wordt, die onze geesten verpozing en verkoeling kunnen bieden om onze snel verhittende tijden beter door te maken.
En hopelijk krijgt de Vrijdagmarkt werkelijk grote en gezonde bomen. Anders is de antipolitiek nog maar eens gevoed.
Ook te lezen in De Standaard: https://www.standaard.be/cnt/dmf20240521_96367289


